“We zijn méér dan het slavernijverleden”

Het lijkt alsof het Rijksmuseum speciaal voor ons haar deuren had geopend op die vrijdagavond de 16e juli. Er is geen spoor van een rij. Met de hele WeConnect groep van zo’n 18 man worden we vorstelijk onthaald. Op weg naar de tentoonstelling ‘Slavernij’ waar zóveel om te doen was in de aanloop naar en na de (uitgestelde) opening. De wereldpers schrijft erover. Nú leek de tijd rijp om dit thema in de schijnwerpers te zetten. Zonder de voor Nederland donkere kanten te verdoezelen.

Studenten
Conservator Stephanie Archangel ontvangt onze groep in de prachtige hal van het Rijks. Het is al vijf jaar haar werkgever. Ze spreekt letterlijk en figuurlijk de taal van onze studenten. De Curaçaose kwam ook ooit naar Nederland voor een studie. Met humor, zelfreflectie en diepgang schetst ze hoe zij het heeft ervaren; een tentoonstelling maken in een van de belangrijkste Nederlandse musea over zoiets pijnlijks als slavernij.

 

Stephanie Archangel

Verhalen
“We hebben geprobeerd om mensen te maken van de tot slaafgemaakten.” Licht ze toe. Mensen met een naam, een geschiedenis, een identiteit. Vandaar de verhalen over Tula, Joâo en Wally. Maar ook over Oopjen, een rijke vrouw uit de zeventiende eeuw. Haar eerste Maarten (die naast haar op het schilderij staat) heeft een link met Slavernij; zijn vader en hij dus ook zijn rijk geworden door hun Suikerraffinaderij in Amsterdam. Nooit meer kijk je hetzelfde naar het statige portret van deze deftige vrouw.

Oral history
Verhalen dus, oral history, in plaats van objecten “waar hoe dan ook de kolonisator aan kleeft” aldus Stephanie. Liederen, ook in het Papiaments, verhalen, gesproken taal. De audiotour maakt veel duidelijk, vooral over het perspectief van de zwarte man, vrouw of het kind.

 

Studenten Gilberto en Gilliard

Mental Slavery
Het is ook tijd voor een volgende stap, vindt de Curaçaose conservator. “We zijn méér dan het slavernijverleden. Wat hebben we zelf gegenereerd, gemaakt, nagelaten?” vraag ze zich af. Treffend brengt ze onder woorden wat volgens haar de sporen zijn van mental slavery. “Antilliaanse moeders praten uit bescherming nog steeds in negatieve zin over hun kinderen. Tijdens de slavernij kon het kind namelijk zomaar van je afgenomen worden. We moeten onze ogen daarvoor openen.” De studenten knikken instemmend, ook zij kennen dat van huis uit.

Perspectief
Of en zo ja wát er eventueel in Curaçao of de andere eilanden te zien zal zijn van deze tentoonstelling, daar zijn gesprekken over gaande. “Maar ik vraag me af of zo’n tentoonstelling op Curaçao zelf niet een heel ander perspectief zou moeten krijgen. Dit is uiteindelijk vanuit Nederland gemaakt, dat is ongetwijfeld een ander perspectief dan op Curaçao.” merkt Stephanie op. Stilletjes bezoeken we de tentoonstelling. Het Rijksmuseum is even helemaal van ons.

De tentoonstelling is tot 29 augustus te bezoeken:

https://www.rijksmuseum.nl/nl/zien-en-doen/tentoonstellingen/slavernij